woensdag 4 november 2009

ZWART GELD

Bijna de helft van alle nieuwe Belgische horecabedrijven stopt er binnen de twee jaar mee, zo was op tv te zien, meestal draait het uit op een faillissement. Het woord "horeca" is uiteraard een heel breed begrip. Tal van nieuwkomers openen een cafeetje omdat ze als bouwvakker een versleten rug hebben. Dat verklaart het cijfer uiteraard al voor een deel. Maar ook in de sector restaurants zijn de cijfers niet rooskleurig.
Voor veel koks is een eigen zaak de grote natte droom, ze beseffen echter niet altijd dat een eigen zaak vaak een hel kan betekenen, zeker in de beginjaren. Overinvestering, te dure huisvesting en te veel aanvangspersoneel, dat wordt vaak een groot probleem. Op de eerste plaats moet er een heel mooie keuken komen. Ergens tweedehands spul vandaan halen om de eerste jaren te overbruggen, dat past niet in de doom. Men heeft tevoren berekeningen gemaakt en die zijn per definitie té rooskleurig. Een kok is geen opgeleid bedrijfskundige, op het moment dat hij de eerste cijfers onder ogen ziet, is het vaak al bijna te laat.
Een groot probleem, typisch Belgisch, is de zwartgeldcultuur. Deskundigen schatten dat 1/3 van de Belgische horeca-omzet zwart is en dat lijk mij nog laag ingeschat. Dit heeft alles te maken met het Belgische fiscale systeem dat geen belastingen heft op de bedrijfswinst (zoals in Nederland), maar op de inkoop. Je bent dan geneigd om zwart te gaan inkopen, met zwarte omzet als gevolg. Geloof me, zwart geld is een vloek. Ik zal uitleggen waarom.
Zwarte omzet gaat niet in de kassa, dus speelt het in de verdere bedrijfsvoering geen rol meer. Je kunt ervan uit eten gaan, iets voor jezelf kopen of een reisje maken. Verder kan je er niet veel mee. Wanneer je normaal een netto-winstmarge zou hebben van 10% (dat is héél veel), maar wanneer je tegelijkertijd 20% van je omzet als zwart beschouwt, dan heb je een netto-verlies van 10%. Je graaft een put die je daarna nooit meer kunt dichten. Tijdens het eerste jaar na de opening voel je je rijk, je hebt een stapel contant geld die alleen maar groter wordt. Je witte geld is onvoldoende om alles te betalen, maar daar merk je in het begin weinig van. Je betaalt je leveranciers een weekje later en je voelt niet eens dat er een gat ontstaat. Tegelijkertijd wordt de stapel zwart geld steeds kleiner, want je privéleven kan, gezien het aantal uren dat je werkt, wel wat luxe gebruiken, trouwens, je hebt toch geld genoeg.
Na ongeveer anderhalf jaar is de situatie nijpend geworden. Je leveranciers eisen vanwege je steeds slechtere betaalgedrag contante betaling bij levering. Niet erg, denk je, dan zoek ik wel een andere leverancier. Enzovoort. Na twee jaar is het inderdaad einde oefening.
Geloof me: wanneer je voor jezelf begint en je wilt na twee jaar een gezonde zaak, neem je dan voor om àlles wit te doen. Ik zit als uitgever in de gelukkige situatie dat bij ons geen zwarte cent binnenkomt, alles gaat immers per factuur en per bank. Stel dat ik, toen ik vijftien jaar geleden met Saisonnier begon, had besloten om slechts één procent zwart te doen. Dan was ik al lang geleden de bietenbrug op gegaan. Die ene procent kan je zaak nu eenmaal niet missen. In een bedrijf is het verschil tussen winst en verlies een zéér dunne lijn. Speel daar niet mee.

DE MINIBAR

Ga ik het alwéér over hotels hebben? De frustratie zit kennelijk diep. Wanneer ik na een vermoeiende dag of lange reis op m'n hotelbed neerplof, kan ik me wel eens verheugen op een drankje. Schoenen uit, ogen dicht en een kloeke slok. Daar knapt een mens van op. Maar helaas, al te vaak is mijn kamer beslapen geweest door een booswicht. Hij heeft uit de minibar een flesje jenever of witte wijn genuttigd en het recipiënt daarna keurig met kraanwater gevuld. In plaats van af te rekenen uiteraard. We weten dat mensen intens gemeen kunnen zijn wanneer niemand hen bezig kan zien, de flesjes zijn er een bewijs van. Toch vind ik het merkwaardig dat iemand crimineel kan zijn voor een paar centen. Wanneer ik kans zag om de boel op te lichten voor tien miljoen, ik zou denk ik geen moment aarzelen. Zelfs u zou ik oplichten. Maar ik zal keurig op uw portemonnee passen als daar een tientje in zit, zonder de minste inbraakneiging. Hoe zit het dan met de minibar? Ik denk dat ik het weet. Je kunt namelijk wel eens de volkomen menselijke neiging hebben om een oplichter op te lichten. Oog om oog, tand om tand, eigen schuld dikke bult. De prijs die je voor een flesje in een gemiddelde minibar moet betalen, riekt naar oplichting. Je eigen crimineel gedrag wordt op de hotelkamer in de hand gewekt omdat alle flesjes een simpel schroefdopje hebben. De hotello vermoedt namelijk bij voorbaat dat ik de kurkentrekker zou stelen, hij kent zijn pappenheimers door in de spiegel te kijken. Flesjes met een schroefdop, ik pleit ervoor dat ze van een deugdelijke verzegeling worden voorzien. Het is niet mijn taak als hotelgast om testpiloot-zonder-valhelm te zijn.

dinsdag 3 november 2009

MIJN DORP

Vandaag heb ik het/de blog http://saintpompon.blogspot.com weer eens stevig bijgewerkt.

FLOEP

Waarom moeten broodroosters groot zijn en waarom moet het roosteren altijd enkele minuten duren? De ontwerper van dit rooster moet zich de vraag hebben gesteld. Hij bedacht een briljante oplossing als je het mij vraagt.

JAM SESSIONS

Gisteren was ik in Heerhugowaard (ten noorden van Alkmaar) op bezoek bij Dobla om er met Eric en Petra het vervolg van onze samenwerking te bespreken. Naar Eric luister ik altijd graag, want hij zwerft continu de hele wereld over en weet precies wat er in de diverse werelddelen op pâtisseriegebied gebeurt, hij kent alle Amerikaanse en Aziatische toppâtissiers persoonlijk. Daar profiteren wij met rode oortjes van. Het bedrijf in Heerhugowaard werd onlangs geheel verbouwd, ik kende het niet meer terug. Prachtig is dat de kantoorafdelingen in één grote ruimte zitten, die gelardeerd is met verschillende gezellige hoekjes. Door een grote glazen wand kun je van hieruit de R&D afdeling van Rik zien, een enorme ruimte met witte wanden en een witte vloer. Rik bleek zeer geïnteresseerd in ons systeem van jam sessions.

Wat bedoelen wij met een jam session? Het woord heb ik jaren geleden gestolen uit de jazz-wereld. Het principe in de jazz is heel eenvoudig: leg een aantal instrumenten klaar en nodig muzikanten uit die elkaar niet hoeven kennen, liefst uit verschillende landen of culturen. Binnen de tien minuten klinkt er geïmproviseerde muziek waar je kiekenboebels (kippevel) van krijgt, uniek en vaak baanbrekend. Stel, zo dacht ik, dat je kookinstrumenten klaarlegt en en aantal koks uitnodigt. Zou dan hetzelfde gebeuren? De eerste keer dat we dat deden, tien jaar geleden in Lille, was een schot in de roos. Franse, Belgische en Nederlandse chefs gingen samen aan de kachel om gezamenlijk gerechten te creëren. Dat was kicken van de bovenste plank! Nadien hebben we die aktie nog heel vaak herhaald en we doen het nog steeds. Inmiddels hebben allerlei criminelen in de kokswereld de term jam session van me gepikt, ik zie het als een compliment. Belangrijk is wel om rond één onderwerp te jammen, want anders wordt het een chaos. Bent u een vakmens, keuken of pâtisserie, en u wilt ooit aan zo'n jam session deelnemen? Geef me dan een seintje. In Schilde liggen/staan alle instrumenten klaar.

Vandaag heb ik met Rik afgesproken dat we een jam session gaan doen rond het thema chocolade decoraties. Het is een onderwerp waarbij iedereen zich helemaal kan uitleven. Maar dan niet met krulletjes, vlindertjes of kerstboompjes, het moet baanbrekend worden. Gegarandeerd zal dat het resultaat zijn.







Op de foto: Eric en Petra in het R&D centrum.

maandag 2 november 2009

SCHUDDEN

Deze schudfles alias blender bottle bevat een bolvormige garde. Het opkloppen van een kleine portie room of het maken van een smooty is daarmee snel gepiept.

KIJK (2)








Vervolgens ziet u mij als student, als jonge vader, als beroepshalve verkenner met groene baret en (enkele jaren geleden) als bouwvakker.




KIJK






Kijk, dit is mijn blog, dus heb ik er alle recht op om iets van mezelf te laten zien. De eerste foto toont dat mijn moeder wellicht liever een meisje had gezien. Toen ik voor het eerst naar de kleuterschool moest, zijn alle pijpekrullen gekortwiekt. Vervolgens zien u mij als lagereschoolganger, totaan het moment dat ik als verkenner werd beëdigd. De aalmoezenier op de achtergrond van de foto vond mij een hele lieve jongen, maar dat was niet uniek in Rome. Veel later zou ik nog beroepshalve verkenner worden.

zondag 1 november 2009

ZWITSERS MES

Het rode Zwitserse officiersmes met zijn mesje, schaartje, vijltje, tandstokertje, kurkentrekkertje, flesopenertje, enzovoort kent u wel. Leuk is de gereedschapsbak die voor de keuken ontworpen is. Eenmaal gevuld toont deze als een opengeklapt officiersmes.

EVOLUTIE OF REVOLUTIE

De uitvindingen die de gastronomische wereld schokten en definitief veranderden, waren achteraf heel simpel. Eerst kwamen er steden en ging de mens afstanden afleggen. In beide gevallen werd de herberg onontbeerlijk. Toen kwamen de koks die in dienst waren van koningen, keizers en tsaren. Alle materialen en budgetten waren toen voorhanden, zodat de gastronomie zich verder kon ontwikkelen. Toen de steden groter werden en de nouveau riche er zijn intrek nam, veranderde er wederom veel: de koninklijke keuken werd omgebouwd tot een meer toegankelijke. Jules Gouffé vertaalde deze naar een breder publiek, naar de weinige mensen die konden lezen. Zijn leerling Auguste Escoffier bloeide in een tijd dat het boek al populair was. Hij kopieerde het in kleine oplage gedrukte boek van zijn leermeester en plotseling kon de gastronomie afdalen tot het niveau van de dorpsnotabele, terwijl de eerste "moderne" restaurants Escoffier's boek als leidraad of bijbel gebruikten. Toen kwamen de gebroeders Troisgros die à la russe gingen serveren, op het bord dus. Paul Bocuse en kornuiten bemerkten dat de keuken lichter moest en dat regionale seizoensgrondstoffen de trots van de chef moesten zijn. Maar wat is er na de nouvelle cuisine nog gebeurd?

De laatste uitvindingen zoals fusion en Adriá, die elkaar in rap tempo opvolgden, waren wellicht schokkend, over een tijdje zal iedereen daar schouderophalend en meesmuilend naar kijken. Het zullen bepaald geen blijvertjes zijn. Hoe komt het dan dat de vroegere uitvindingen wél blijvertjes waren? Heel simpel, ze waren een automatisch product van de evolutie. Nooit zou een vroegere chef eraan hebben gedacht om een revolutie te ontketenen, zijn nieuwigheden ontstonden spontaan. De laatste decennia is de wereld veranderd en dat zal mede komen door de informatica die van de wereld een dorp hebben gemaakt. Maar vooral zagen we de laatste decennia uitvindingen gedaan worden, louter om het uitvinden alleen. Dat schept geen basis.


Evolutie schept in de regel een stevige basis. Revolutie vrijwel nooit. Vraag maar aan de Russen.